#

Nieuws

"Geboeid"
8 september 2018

"Geboeid" is een korte documentaire gemaakt door Eveline van Dijck (YOYmedia). Deze documentaire gaat over de nadelen van het houden van roofvogels en uilen in gevangenschap, en het gebruik van deze dieren op allerlei evenementen.

In deze film komt duidelijk tot uiting dat roofvogel- en uilenshows niet meer van deze tijd zijn. De initiatiefnemers hopen dat de film bijdraagt aan de bewustwording van het grote publiek.

Deze documentaire is een vervolg op de postercampagne die gestart is door Christien Hermsen en Anita van Dooren. Deze campagne wordt ondersteund door Vogelbescherming Nederland, Steenuilen Overleg Nederland, Oehoewerkgroep Nederland, Kerkuilenwerkgroep Nederland, Werkgroep Slechtvalk Nederland, Werkgroep Roofvogels Nederland en Netwerk Uilenbescherming Brabant.

Een woord van dank is op zijn plaats aan iedereen die heeft meegewerkt aan de totstandkoming van "Geboeid".

Delen mag, graag zelfs!
Posters kunt u aanvragen via de meewerkende organisaties. Of door het sturen van een mail.

Bekijk op YouTube

steenuil

Wie is de dader?
12 maart 2018

De volgende foto’s zijn misschien niet zo’n fraai gezicht. Een wandelaarster kreeg de schrik van haar leven toen zij op deze lugubere vondst stuitte. Deze kop behoorde duidelijk aan een uil toe. De wandelaarster nam contact op met Natuurmonumenten, die haar door verwees naar Christien Hermsen. Die kon haar vertellen dat het de kop van een ransuil was.

Nu is het interessant om te weten wie er verantwoordelijk is voor deze daad. In de natuur vallen vaker slachtoffers, dat hoort er nu eenmaal bij. Het is een kwestie van eten of gegeten worden. De sterke vogels overleven en de zwakken vallen af. Op deze manier blijft een gezonde populatie over. De natuurlijke vijanden van de ransuil zijn de havik, de oehoe, de bosuil en de vos. Deze laatste twee pakken alleen jonge ransuilen.

In dit geval wijzen alle sporen naar de havik. Deze kan met zijn scherpe haaksnavel zo een kop van de romp knippen. Bij een uil is dat niet zo moeilijk. De halswervels zijn erg dun, er zit alleen een groot pak veren omheen.

De havik grijpt niet alleen jonge uilen maar ook de volwassen vogels. Jonge ransuilen zijn makkelijke prooien omdat zij een hele luide bedelroep hebben, die zij af en toe ook overdag laten horen. Bovendien, wanneer de jongen in de takkelingenfase zijn, verkeren zij ook wel eens op de grond en dan zijn ze een makkelijke prooi voor vossen en andere roofdieren.

Jaarlijks vallen er wel slachtoffers in het broedseizoen en vinden beschermers uitgetrokken of afgebeten veren. Aan de veerspoelen kan men dan zien dat het om jonge vogels gaat.

De vondst was voor de niets vermoedende wandelaar luguber, voor Christien was het bijzonder en een leerzame ervaring.

Foto's: voor zij en achteraanzicht van een ransuilenkop. Afgebeten veren waaraan de spoel van een jonge uil nog te herkennen is en geplukte veren. Foto's Christien Hermsen

ransuil ransuil ransuil ransuil ransuil

Uilenballen uitpluizen
15 februari 2018

Op zondag 28 januari heeft er in Tilburg een leuke Rangeractiviteit plaatsgevonden die is voortgekomen uit een samenwerking tussen het WNF Midden-Brabant en de uilenwerkgroep uit Oisterwijk. Het Wereld Natuur Fonds heeft als missie gezamenlijk een wereld tot stand te brengen waarin de mens en de natuur in harmonie samenleven. Het Wereld Natuur Fonds is onderdeel van het WWF (World Wife Fund for nature), samen met meer dan 100 landen. In Nederland zijn er diverse regioteams met vrijwilligers (waaronder het WNF-Midden Brabant), die regelmatig leuke Rangeractiviteiten organiseren.

We zijn begonnen met een lezing, die werd gegeven door Christien en Anita van de uilenwerkgroep. Zij hebben een mooie lezing gegeven over alle uilen, oa de bosuil, ransuil, steenuil en de kerkuil. Er werd verteld waar de uilen voorkomen, hoe je ze kunt herkennen en hoe de uilen het best beschermd kunnen worden. Er waren ook opgezette uilen aanwezig, zodat ze goed konden laten zien wat de verschillen en de kenmerken van de uilen zijn. De kinderen werden erg goed betrokken in de lezing en er gingen dan ook veel vingers omhoog wanneer Christien een vraag stelde aan de kinderen. Uit de antwoorden bleek wel dat de kinderen aandachtig zaten te luisteren. Daarnaast kwamen er tijdens de lezing ook veel mooie foto's van baby uiltjes voorbij waarop werd gereageerd met een collectief 'aaaaah'.

Na deze interessante lezing mochten de Rangers en hun ouders nog een uurtje blijven zodat zij de uilenbraakballen konden uitpluizen die we hadden meegenomen. Dit werd ook enthousiast gedaan door de kinderen en er kwamen veel verschillende botjes van muizen tevoorschijn. We mogen dan ook terugkijken op een zeer geslaagde activiteit! Voor toekomstige WNF Rangeractiviteiten kun je een kijkje nemen op de Facebookpagina van WNF Midden-Brabant en aanmeldingen gaan via middenbrabant@wnfregioteam.nl

steenuil steenuil

Zeg het voort! Poster: Stop roofvogels en uilen in gevangenschap
6 december 2017

Afgelopen zaterdag (2 december 2017) zijn bovengenoemde posters gepresenteerd op de landelijke dag van SOVON. Deze posters zijn een initiatief van Netwerk Uilenbescherming Brabant en moeten gezien worden als een aanvulling op de eerder uitgegeven folder "Roofvogels en uilen zijn niet voor de show". De groepen die toentertijd hun medewerking aan de folder gaven, hebben dat nu ook gedaan, te weten: Vogelbescherming Nederland (VN), Werkgroep Slechtvalk Nederland (WSN), Werkgroep Roofvogels Nederland (WRN), Oehoe Werkgroep Nederland OWN), Steenuilenoverleg Nederland (STONE) en Kerkuilenwerkgroep Nederland (KWN).

De reden voor het uitbrengen van de posters is dat er een toename is van het gebruik van uilen en roofvogels op jaarmarkten, braderieën, shows, fotoshoots en andere evenementen. Je kunt het zo gek niet bedenken of je komt het wel tegen: Sinterklaas met een oehoe op zijn arm, uilen en roofvogels op kerstmarkten of op kinderfeestjes. Bezoekers van deze evenementen vinden de dieren prachtig om te zien en ze kunnen voor een paar euro met een uil of roofvogel op de foto. Ze lijken dit de gewoonste zaak van de wereld te vinden, maar men heeft niet door dat het welzijn van deze roofvogels in het geding is.

Zo worden met name uilen (echte nachtdieren) blootgesteld aan dag- en zonlicht. Ook mijden uilen in het wild contact met mensen. Als ze vast geketend staan op een kraam kunnen ze niet anders dan dit contact gelaten ondergaan. Uilen en roofvogels werken alleen maar mee aan een show omdat zij hongerig worden gehouden zodat ze voor de prooien terugvliegen. Dan is er nog de problematiek van rondom per ongeluk of bewust losgelaten dieren die zich in het wild maar moeten zien te redden. Wanneer ze paren met een "wild" exemplaar kan er faunavervalsing ontstaan. Een ander groot probleem is het roven van dieren uit het wild (vaak uit het nest als nestjong). Kortom er zijn meer redenen waarom de bovengenoemde beschermingsorganisaties niet gelukkig zijn met dit fenomeen.

Achter de schermen wordt door een aantal organisaties hard gewerkt om deze soorten op een lijst te krijgen van soorten die niet in gevangenschap gehouden mogen worden. Tot die tijd ligt er een mooie taak voor beschermers en / of andere geïnteresseerden om mensen bewust te maken van de problematiek. Door het verspreiden van de posters hopen we dat het publiek zich bewust gaat worden van de problematiek. En dat men zich bijvoorbeeld niet meer laat het verleiden tot het bezoeken van genoemde evenementen. Men kan organisaties aanspreken om te stoppen met deze activiteiten.

De posters zijn verkrijgbaar bij de eerder genoemde groepen of in pdf te downloaden. De posters zullen binnen alle uilenwerkgroepen in Brabant uitgedeeld worden zodat ieder ze kan ophangen of gebruiken waar men wil.

Kunstnesten voor de ransuil
28 april 2017

Niet alleen in Nederland worden kunstnesten voor de ransuil opgehangen. Ook onze zuiderburen zijn hiermee bezig. Het is vooral zinvol om een kunstnest op te hangen wanneer er geen natuurlijke nesten (meestal kraaiennesten) voorhanden zijn. Er waren al eerder successen met kunstnesten in Nederland, o.a. bij Bert Jan Bol (Haarlemmermeer) en afgelopen jaar in ons eigen Brabant (Uilenwerkgroep Dongemond). Met name in Servië wordt door de ransuil volop gebruik gemaakt van kunstnesten. In België was Kjell Janssens hier al enige tijd succesvol mee bezig. Na het werkbezoek van Lode van der Velden en Philippe Smets in ons werkgebied is met name Lode ook hier actief mee aan de gang gegaan. De volgende foto’s en filmpje getuigen hiervan. Verder was het werkbezoek een goede gelegenheid voor het uitwisselen van kennis. Dit is niet alleen nuttig voor ons, maar ook voor de ransuil.

Werkbezoek zuiderburen bij Uilenwerkgroepen Oisterwijk
6 maart 2017

Afgelopen zaterdag 25-02-2017 hadden wij enkele Belgische uilenbeschermers (Lode van der Velde en Philippe Smets) op bezoek om hen ons werkgebied te laten zien. Deze dag stond in het teken van kennisuitwisseling. Eerder brachten wij zelf een werkbezoek aan Philippe Smets die in Tienen woont. We begonnen zaterdag met de laatste wintercontrole van steenuilen, waarbij uilen op ringen werden gecontroleerd en de ongeringde uilen geringd werden. Lode en Philippe maakten kennis met onze Brabantse uilen en werden ook aan het werk gezet. We gingen daarna op zoek naar een Belgische steenuil die twee jaar in ons gebied heeft gebroed. Helaas liet zij zich niet zien. Lode en Philippe waren erg gecharmeerd van de mooie boerderijen. Wat hen verder opviel was dat de doorgaande wegen in onze dorpen een geweldig achterland hebben met veel mogelijkheden voor de steenuil. Natuurlijk kwamen zij ook voor de ransuil. Het aantal ransuilen op de winterroest die wij bijhouden is voor Belgische begrippen ongekend. We gingen dan ook naar de grootste winterroest van Brabant. Onze Belgische uilenvrienden hebben de nodige ervaringen opgedaan. Ook omdat er nog een bevriende roofvogelwerkgroep aansloot: de schRansuilenclub. De dag werd afgesloten met een geweldige maaltijd. Het is goed schransen bij onze eigen Bourgondische kok.

steenuil

Eerste broedsel in een kunstnest
6 juni 2016

De Ransuilenwerkgroep van IVN Oisterwijk is al een aantal jaren bezig met het in kaart brengen van de winterroesten van de ransuil, Brabant-breed. Daarnaast probeert zij deze uil op alle manieren te helpen om ervoor te zorgen dat hij in aantal niet nog verder achteruit gaat (volgens de laatste gegevens van SOVON een achteruitgang van 70% sinds de vorige Vogelatlas). Dit doet zij door de roestplaatsen te registreren. Hetzelfde gebeurt met de nestbomen, die jaarrond beschermd zijn. Een ransuil maakt gebruik van een oud kraaien- of eksternest. Wanneer deze niet voldoende aanwezig zijn, plaatst de Ransuilenwerkgroep een kunstnest. Zo hebben wij in 2012 en 2013 tien kunstnesten geplaatst. Eerder zijn er succesvolle resultaten bekend met kunstnesten bij Bert-Jan Bol (omgeving Schiphol) en in België bij Kjell Janssen. Omdat we in 2014 van de gemeente Oisterwijk de “Groene Handdruk” kregen (met daaraan gekoppeld een leuk geldbedrag), konden we enkele collega-werkgroepen voorzien van kunstnesten. Elk voorjaar is er de spanning: zou de uil gebruik gaan maken van het kunstnest en welk nest raakt het eerst bezet? Dit jaar kregen wij het goede nieuws dat collega-werkgroep Dongenmond, die nog ooit door ons is voorzien van een kunstnest het eerst bezette nest heeft. Misschien broedt hij wel in dat nest en dan hebben we toch onze bijdrage geleverd.

Al met al een fantastisch resultaat en we feliciteren de betreffende werkgroep daarmee van harte.

#

Record
16 februari 2016

Het aantal ransuilen op de winterroest die door ons het meeste onderzocht wordt overtreft alle verwachtingen. Hadden we vorig jaar al veel uilen op de roest (36), nu telden we maar liefst 53 uilen. De vraag is: waar komen ze vandaan? Er zijn roesten verdwenen en mogelijk hebben die uilen zich verplaatst naar deze toplocatie. Het voedselaanbod speelt een belangrijke rol en is misschien wel de doorslaggevende factor. In de omgeving van deze roest zijn in ieder geval genoeg prooidieren aanwezig. Het aantal uilen uit Scandinavië dat hier de winter komt doorbrengen verklaart de toename niet. Omdat daar de winter tot nu toe erg zacht is geweest is de drang om zuidwaarts te trekken er dan niet of nauwelijks. Overigens zijn er in Brabant meerdere winterroesten met recordaantallen gemeld, maar onze roest is de grootste van Brabant. Weet u toch nog een grotere roest, meld het ons. Op dit moment zijn de aantallen al af aan het nemen, omdat de winterroesten zich aan het opheffen zijn. Wij duimen dat ze volgende winter weer allemaal terugkomen.

#

Baltsende ransuilen
28 januari 2016

Het is wat vroeg dit jaar maar de ransuilen zijn al in de stemming om een nieuwe partner te kiezen voor het aankomende broedseizoen. Normaal begint dit ergens in februari maar door het zachte weer lijkt alles wat vervroegd. Het is alleen te hopen dat de vorst geen roet in het eten gaat gooien, zeker wanneer we de vorstperiode langer gaat duren. De ransuilen baltsen door te roepen. Tijdens het uitvliegen klappen ze met de vleugels onder het lichaam tegen el...kaar. Het mannetje doet dit tijdens het uitvliegen en het vrouwtje doet dit bij de nestplaats. Zij bepaalt de keuze van de nestplaats. Het mannetje heeft een territorium. Op het filmpje hoor je vleugelklappen, het vrouwtje en de "Hoe" van het mannetje om zijn territorium af te bakenen. Opgeleukt door waarschijnlijk een fazant op de achtergrond.

Zomerroesten ransuil
15 september 2015

Winterroesten (gemeenschappelijke slaapplaatsen van ransuilen) zijn een bekend fenomeen. Maar wist u dat er ook zomerroesten bestaan? Deze bestaan vaak uit ongepaarde uilen, de zogenaamde singles om in moderne termen te spreken. Dit jaar hadden wij in onze "eigen" gebieden geen enkel broedgeval. Helaas! Maar elk nadeel heeft zijn voordeel: we hadden wel een zomerroest. De hele zomer hebben we kunnen genieten van de aanwezigheid van een aantal uilen, variërend van twee tot tien vrijgezellen. Ze brachten rustig de dag door en gingen ondertussen ook nog in de rui. Wij vonden veel ruiveren onder de bomen. Jonge ransuilen zijn geslachtsrijp na een jaar, maar komen vaak pas in het tweede jaar tot broeden. Wij vermoeden dat het hier om jonge vogels gaat, omdat 2014 een erg goed broedseizoen voor de ransuil was. Onze hoop ligt in 2016. De jonge uilen zitten dan in hun tweede kalenderjaar en we hopen dat de hormonen dan flink op gaan spelen.

PS: wist u dat de ransuilen het met de huwelijkstrouw niet zo nauw nemen; ze hebben elk jaar een ander schatje.

#

Groot nieuws!
4 maart 2015

Het is eindelijk zo ver: Anita en Christien zijn geslaagd voor hun ringexamen en wel met vlag en wimpel, volgens Pascal Stroeken en Ronald van Harxen (de mannen van Stone). Voor het hele verslag klik op onderstaande link:

http://www.steenuilenrondwinterswijk.nl/logboek/ringersexamen-anita-en-christien

We moeten nog even de officiële papieren van het Vogeltrekstation afwachten, maar daarna kunnen we aan de slag. We hebben er zin in!

Het baltsen van ransuilen
18 februari

In deze periode beginnen de ransuilen te baltsen op de winterroest. Het mannetje maakt een zacht 'hoe.hoe.hoe' geluid, dit staat voor een territorium. Het vrouwtje beantwoordt de roep met een klagend nasaal 'chwén' Tijdens het uitvliegen in de schemer klappen de ransuilen met de vleugels. Dit vleugelklappen doen ze door tijdens de vlucht de vleugels onder het lichaam tegen elkaar te klappen. Dit wordt voornamelijk door het mannetje gedaan, maar het vrouwtje kan het soms ook doen.

Storingsgevoeligheid bij winterroesten ransuil
28 januari 2015

Er is een verschil tussen winterroesten in natuurgebieden waar bijna nooit iemand komt en winterroesten in stedelijk gebied. Uilen die op een roest zitten, waar dagelijks veel mensen langs kom...en, zijn minder verstoringsgevoelig dan uilen die op een plek zitten waar bijna nooit mensen komen. Uilen die op een verstoringsgevoelige plek zitten kunnen al bij de aanblik van mensen gaan vliegen, terwijl uilen die op drukke plaatsen zitten volledig gewend zijn aan verkeer, mensen en andere zaken. Wanneer de uilen overdag verstoord worden en gaan vliegen is dit een slechte zaak. Vliegen kost veel energie en uilen hebben die energie voornamelijk nodig om hun kostje bij elkaar te jagen in de schemering en in de nacht. Het opvliegen van uilen moet dus altijd voorkomen worden. Bent u bij een winterroest, geniet van de uilen, maar ga ze niet opjagen door onnodig te wijzen of door lang naar ze te kijken. Probeer drukke tijden te vermijden. Ook is het zo, dat wanneer uilen bij iemand in de tuin zitten, ze de eigenaren wel degelijk kennen en er vertrouwd mee zijn. Zij zullen daar dan niet snel wegvliegen, maar als er vreemden in de tuin komen kunnen de vogels snel gevlogen zijn. Wanneer er een uil gaat vliegen, wordt dit gevolgd door meerdere. U kent het spreekwoord: als er één schaap over de dam is, volgen er meerdere. Dit geldt zeker voor ransuilen.

#

Velduilen tussen ransuilen
12 januari 2015

Op winterroesten van ransuilen kan sporadisch een velduil voorkomen. Velduilen kunnen zich 's winters ook verzamelen op winterroesten. Alleen is dit veel minder bekend. De velduil is een nomadische uil en hij houdt zich op, op plaatsen waar grote aantallen veldmuizen zijn. Het kan dus voorkomen dat de velduil zich mengt met een groep ransuilen. In een goed muizenjaar is deze kans vele malen groter. Aangezien 2014 een goed muizenjaar was. Dus kijk op winterroesten van ransuilen of er misschien ook een velduil tussen zit. In Noord-Servië waar veel ransuilen zitten, komt dit verschijnsel zelfs regelmatig voor. (Foto: Richard Diepstraten)

#

Vroege Vogels: winterroest
8 december 2014

Afgelopen woensdag (3 december 2014) is er een opname gemaakt voor het radioprogramma Vroege Vogels van de VARA. Christien Hermsen en Hannie Nilsen van de Ransuilenwerkgroep, vergezeld door Frans Kapteijns van Natuurmonumenten, brachten samen met Jeannette Parramore van Vroege Vogels een bezoek aan een winterroest. Deze opname was zondag 7 december te beluisteren op Radio 1.

Heeft u het gemist, dan kunt u het hier beluisteren of via de volgende link:

vroegevogels.vara.nl

#

Broedsel ransuil met zeven jongen
18 november 2014

Er is goed gebroed door alle uilensoorten. Ook de ransuil heeft een goed broedseizoen achter de rug. In Brabant is er zelfs een nest geweest met zeven jongen. Dat is echt een flink aantal. Een ransuil heeft in een goed jaar ongeveer vier a vijf jongen. Vier van de zeven jonge ransuilen uit het nest zijn geringd. De drie jongen die niet geringd zijn waren te klein. De jonge ransuilen zijn allemaal succesvol uitgevlogen.

# # #

Er worden inmiddels op de winterroesten ook meer ransuilen geteld. Het is bekend dat er familiebanden zijn op de winterroest (ouders met de jongen van het afgelopen broedseizoen, aangevuld met ongepaarde uilen en vogels uit het noorden). De populatie is de laatste jaren aan het afnemen; vorig jaar waren er zelfs geen broedsels bekend. Daarom is een goed muizenjaar als 2014 geen overbodige luxe voor de ransuil.

Ransuil profiteert mee van een goed muizenjaar.
24 augustus 2014

De Ransuilenwerkgroep onder leiding van Christien Hermsen heeft tijdens het broedseizoen, samen met de vogelwerkgroep geïnventariseerd op jonge ransuilen. Dit leverde meerdere broedgevallen van de ransuil op. In een gebied waar voorheen maar één broedpaartje werd waargenomen, trof men nu twee broedgevallen aan. Ten aanzien van vorig jaar is dat zelfs een hele grote verbetering omdat er in 2013 niet is gebroed. De broedsituatie van 2014 is door een goed muizenjaar uitstekend. Ook in andere gebieden waar de werkgroep actief is werd er in 2014 gebroed door de ransuil. In andere delen van het land was er zelfs sprake van tweede broedsels bij ransuilen. Deze zijn hier nog niet waargenomen. Mocht u meldingen hebben van broedgevallen van ransuilen in Brabant kunt u deze doorgeven aan Christien Hermsen, chris10h@planet.nl of SOVON.

Voor de ransuilenwerkgroep die sinds 2007 actief is, is dit het succesvolste jaar. Voor 2007 zijn er geen gegevens bekend.

Groene Handdruk voor ransuilenwerkgroep
17 februari 2014

Donderdag 13 februari kreeg Christien Hermsen, coördinator van de Ransuilen in Brabant een Groene Handdruk uitgereikt bij het kantoor van Brabants Landschap. De prijs is een initiatief van de duurzame Driehoek Christien ontving het symbool wat staat voor een bedrag van €350 uit handen van de Oisterwijkse wethouder Wim Lemmens. Het bedrag is zeer welkom en zal goed besteed worden aan de bescherming van de ransuilen. Met name aan foldermateriaal om de ransuil meer bekendheid te geven, maar ook aan kunstnesten om de ransuil van broedgelegenheid te voorzien. Tijdens de uitreiking waren de ransuilenwerkgroep van IVN Oisterwijk, Dennis Maas, Erwin de Hoop van Natuurmonumenten en Jochem Sloothaak van Brabants Landschap aanwezig. De ransuilenwerkgroep zoekt bewust de samenwerking op om het draagvlak voor de ransuilenbescherming te verbreden. Dit is nodig omdat de aantallen van ransuilen drastisch teruglopen. De opnamen zijn gemaakt door Oisterwijk in beeld.